Ouderling Angel Abrea
van de Zeventig
De Heilige Geest heeft de macht om licht en begrip in ons leven te geven, maar wij moeten de prijs betalen om zijn gezelschap te verdienen.
Ik wil graag net doen alsof ik een gesprek over een eigen getuigenis met de priesterschapsdragers heb. Ik denk dat ik op die informele manier mijn boodschap beter kan overbrengen. Ter vergemakkelijking van ons gesprek, zal ik de namen van mijn kleinzoons gebruiken; stel jezelf voor dat je die namen hebt en dat ik mij tot jullie persoonlijk richt.
Beste James, toen je een jongetje was, gaf je je getuigenis en zei je: 'Ik weet dat het evangelie waar is. Ik weet dat Jezus Christus de zoon van God is. Ik weet dat Joseph Smith een waar profeet was.' Je wist dat omdat anderen je dat hadden verteld. Door je vertrouwen in je ouders, je bisschop en anderen zette je nooit vraagtekens bij die kennis. Maar nu je zelfstandiger wordt, meer inzicht krijgt in de wisselvalligheden van dit intensieve en prachtige leven, besef je dat niet alle mannen hetzelfde getuigenis hebben van 'de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat' (Filippenzen 4:7).
Jonathan, misschien heb je al gemerkt dat sommige volwassenen cynisch zijn en niet met je over de prachtige beginselen van de verzoening, de opstanding en het eeuwige leven willen praten. In plaats daarvan zeggen ze tegen je: 'Eet, drinkt en weest vrolijk, want morgen sterven wij' (2 Nephi 28:7). Anderen zie je rondtasten en om zich heen grijpen, op zoek naar antwoorden die ze niet vinden. En toch proberen ze jou te laten zien dat ze kennis van bepaalde zaken hebben. Anderen zullen zeggen: 'Misschien zijn deze dingen waar, maar misschien ook niet. We kunnen het beste op onze eigen manier leven, en als er dan een leven na de dood is, zullen we wel zien wat er gebeurt.'
Andrew, ik begrijp je gedachten en gevoelens. Ik begrijp dat als je naar deze verschillende boodschappen luistert, je jezelf afvraagt wat waar en wat niet waar is.
Ik weet zeker dat je al met veel vragen rondloopt. De waarheid is dat je niet verworpen zult worden als je je bepaalde dingen afvraagt, terwijl je oprecht naar een antwoord zoekt. We hebben ons verstand gekregen om het te gebruiken. Geloof dat gebaseerd is op persoonlijk gebed, studie en gehoorzaamheid is veel bestendiger dan blind geloof; het is lonender, en zeker beter gefundeerd.
En Paul, weet je nog dat de Heiland zei: 'Voorwaar, Ik zeg u, wanneer gij u niet bekeert en wordt als de kinderen, zult gij het koninkrijk der hemelen voorzeker niet binnengaan. 'Wie nu zichzelf gering zal achten als dit kind, die is de grootste in het koninkrijk der hemelen.' (Matteüs 18:34.) Wij profiteren ervan als we de nederigheid en de ontvankelijkheid van een kind behouden, maar we moeten blijven groeien en niet tevreden zijn met de beperkte kennis en het begrip van een kind. Vergeet niet, Paul, wat de apostel met dezelfde naam als jij tegen de Korintiërs zei: 'Broeders, weest kinderen in de boosheid, maar niet in uw oordeel. Weest in uw denken volwassen mensen' (Willibrord-vertaling, 1 Korintiërs 14:20).
Welnu mijn beste Russell, je zult jezelf afvragen: 'Moet ik in dat geval dan zelf op zoek naar het antwoord? Kan iemand wel zo'n getuigenis krijgen? Is het een gave voor een beperkt aantal mensen? Weten de mensen die zeggen dat ze het weten het werkelijk, of denken ze dat ze het weten, en hebben ze zichzelf met een psychologische truc overtuigd?'
Om jouw vragen te beantwoorden en meer duidelijkheid te scheppen, wil ik je graag vertellen dat ouderling John A. Widtsoe heeft gezegd dat de mensen die werkelijk een getuigenis van het evangelie hebben 'de hoogste graad van kennis bezitten. Als waarheid wordt geleerd en gehoorzaamd, is dat een openbaring. . . . (. . .) Het is werkelijk het belangrijkste bezit van de mens.' ('What does It Mean to Have a Testimony?', Improvement Era, [mei 1945], blz. 273; cursivering toegevoegd.) Besef je dat een getuigenis als 'de hoogste graad van kennis' en 'het belangrijkste bezit van de mens' wordt beschouwd, en dat de Heiland in de Leer en Verbonden het beschrijft als de kennis die 'in uw hart' zal wonen? (LV 8:2.)
Het is misschien moeilijk om dat op jouw leeftijd te begrijpen, maar ons getuigenis is iets dat we naar het volgende leven zullen meenemen. We zullen al onze aardse bezittingen achterlaten, maar die kennis, die innerlijke overtuiging, zullen we behouden. Denk maar eens aan Joseph Smith; de mensen die hem doodden, konden niet zijn 'belangrijkste bezit' afnemen -- zijn getuigenis. De profeet Joseph nam dat kostbare bezit met zich mee door de sluier van de dood naar de eeuwigheid, waar de Heer hem 'een troon in het koninkrijk van mijn Vader' beloofd had (LV 132:49). Maar dat getuigenis blijft hier op aarde ook bij ons, samen met 'een naam en een vermaardheid (. . .), die niet kunnen worden uitgewist' (LV 135:3). We horen het onmiskenbare getuigenis van Gods profeet 'dat [Christus] leeft! Want wij zagen Hem, namelijk ter rechterhand Gods; en wij hoorden de stem, die getuigenis gaf, dat Hij de Eniggeborene des Vaders is' (LV 76:2223).
Beste Matthew, nu je de eeuwige omvang van een getuigenis hebt ingezien, kunnen we met ons gesprek verdergaan, waaruit zal blijken dat je je eigen getuigenis kunt ontvangen als je doet wat daarvoor nodig is.
In een van die moeilijke situaties waarin de getrouwe en toegewijde jonge Nephi met zijn opstandige broers terechtkwam, herinnerde hij hen eraan hoe men een getuigenis kan ontvangen. De Heer verklaarde, 'Indien gij uw hart niet zult verstokken en Mij in geloof vraagt, gelovende, dat gij zult ontvangen, en als gij mijn geboden naarstig onderhoudt, zullen deze dingen zeker aan u worden bekendgemaakt' (1 Nephi 15:11). Nu kunnen we de stappen bespreken die Nephi beschreef.
Ten eerste, je hart niet verstokken. Streef naar kennis. Met andere woorden, heb een intens, vurig verlangen naar kennis. Ruim plaats in je hart in zodat er een zaadje gezaaid kan worden. En als je dat doet, weet je wat dan de belofte is? Alma vertelt ons: 'Aan hem, die zijn hart niet verstokt, (. . .) wordt gegeven de verborgenheden Gods te weten (. . .)' (Alma 12:10).
Ten tweede, in geloof vragen. Heb je tijdens je studie van de Schriften gemerkt hoe vaak de zinsnede 'gelovende, dat gij zult ontvangen' bij het gebod van bidden en vragen staat? In het proces van vragen om kennis, moeten we ons geloof oefenen -- geloven voordat we ontvangen. Om dit onderdeel van ons gesprek duidelijk te maken, wil ik graag aanhalen wat Alma over het ontvangen van zijn eigen getuigenis heeft gezegd.
'Ziet, ik heb vele dagen gevast en gebeden, opdat ik deze dingen zelf mocht weten. Nu weet ik zelf, dat ze wáár zijn; want de Here God heeft ze door zijn Heilige Geest aan mij geopenbaard, en dit is de geest der openbaring, die in mij is' (Alma 5:46).
Ten derde, de geboden onderhouden. Ik denk dat de woorden in het Boek van Mormon wijzen op de zegeningen die we krijgen als we goede werken verrichten. Koning Benjamin heeft tegen zijn volk gezegd: 'Indien gij al deze dingen gelooft, ziet, dat gij ze volbrengt' (Mosiah 4:10). En de grote zendeling Ammon heeft gezegd: 'Hem, die zich bekeert en geloof oefent en goede werken voortbrengt en voortdurend bidt zonder ophouden, zal het worden gegeven, de verborgenheden van God te weten' (Alma 26:22).
Cole, we hebben nu de verschillende stappen doorgenomen die we moeten volgen als we een getuigenis willen ontvangen. Maar er is nog een belangrijke hulp beschikbaar die ons een bevestiging en een volledige verzekering kan geven, en dat is jouw recht, namelijk om op voorwaarde dat je dat waardig bent, het gezelschap van de Heilige Geest te ontvangen. Denk aan de belofte in Moroni: 'En door de kracht des Heiligen Geestes kunt gij de waarheid van alle dingen weten' (Moroni 10:5). Let goed op: ik heb gezegd het gezelschap van de Heilige Geest ontvangen. De Heilige Geest heeft de macht om licht en begrip in ons leven te geven, maar wij moeten de prijs betalen om zijn gezelschap te verdienen.
Ouderling Marion G. Romney heeft eens geschreven: 'Het is de zending van de Heilige Geest om de waarheid van de hemel te openbaren aan de mensen die daarvoor in aanmerking komen. Een ieder van ons kan daarvoor in aanmerking komen. We moeten echter altijd in gedachten houden dat Hij niet in een onheilige omgeving kan vertoeven. Hij is aan het gezelschap van God gewend, want Hij is deelgenoot van de Vader en de Zoon. Als we de gave van de Heilige Geest ontvangen, wordt ons geboden Hem te ontvangen; Hem wordt niet geboden om bij ons te komen. Maar als we Hem met geheel ons hart proberen te bereiken, zal Hij bij ons komen en ons leiden als we in moeilijke perioden beslissingen moeten nemen.' ('Revelation in Our Personal Affairs', Relief Society Magazine, oktober 1955, blz. 647.) De Heilige Geest wordt ons gegeven om te getuigen van de Vader en de Zoon; dat Jezus Christus onze Verlosser is; dat er een profeet op aarde is die de ware kerk van de Heiland presideert, De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen; en dat alle werken en beloften van God op zijn tijd en wijze in vervulling zullen gaan.
En nu, mijn jongste kleinzoon Tate, kunnen we dit gesprek afsluiten, en vermelden wat een getuigenis is. Misschien kunnen we dat het beste doen door te kijken wat een getuigenis voor ons inhoudt. Het betekent: 'Ik zal heengaan en doen, wat de Here heeft bevolen, want ik weet' (1 Nephi 3:7), en daar dan ook naar te handelen. Het is de vrede die voortkomt uit de kennis dat al het mogelijke is gedaan, dat alle talenten volledig zijn gebruikt. Het houdt in het gebod van de Heer aan Jozua na te volgen: 'Wees sterk en moedig. Sidder niet en word niet verschrikt, want de Here, uw God, is met u, overal waar gij gaat' (Jozua 1:9). En het is 'geduldig in bezoekingen' zijn (LV 31:9). Het is nooit opgeven, maar als voorbeeld voor anderen pal staan. Het is 'altijd bereid [zijn] tot verantwoording aan al wie u rekenschap vraagt van de hoop, die in u is, doch met zachtmoedigheid en vreze' (1 Petrus 3:15). Het houdt in zijn generatie te verkondigen: 'Jezus Christus [is] de Zoon van God, de Vader des hemels en der aarde, de Schepper aller dingen sedert den beginne' (Mosiah 3:8). Ja, deze en veel andere eigenschappen en handelingen vormen een getuigenis. En dit is mijn getuigenis aan jullie. In de naam van Jezus Christus. Amen.