The Christus statueThe Church of Jesus Christ of Latter-day Saints Search | Feedback | Site Map | Help | Country Sites |
Home Talen Hoofdmenu
Algemene conferentie
Oktober 2001
'Kom mijn ongeloof te hulp'

'Kom mijn ongeloof te hulp'

Ouderling L. Whitney Clayton
van de Zeventig

'We stimuleren het proces van geloofsversterking als we doen wat goed is — groeiend geloof is daarvan altijd het gevolg.'

Elder L. Whitney Clayton

Eens voegde de Heiland zich bij een grote menigte, die luisterde naar een gesprek tussen zijn discipelen en de schriftgeleerden. Hij vroeg de schriftgeleerden toen: 'Waarom zijt gij met hen aan het redetwisten?'

Een man kwam naar Hem toe, knielde voor Hem neer en antwoordde dat hij de discipelen gevraagd had bij zijn zoon een kwade geest uit te werpen, maar 'zij hebben hem niet kunnen genezen'. De vader smeekte Hem: 'Maar als gij iets kunt doen, help ons en heb medelijden met ons!

'Jezus zeide tot hem: Als Gij kunt! Alle dingen zijn mogelijk voor wie gelooft.

'Terstond riep de vader van de knaap uit en zeide: Ik geloof, kom mijn ongeloof te hulp!'

De Heiland sprak toen de kwade geest bestraffend toe: '(. . .) Ga van hem uit en kom niet meer in hem. En [de geest] ging uit onder geschreeuw en hevige stuiptrekkingen. (. . .)'1

Wij allemaal hebben moeilijke, zelfs wanhopige uren doorgemaakt waarin we onder tranen op onze knieën vielen en net als die vader smeekten: 'Heer, ik geloof; kom mijn ongeloof te hulp.'

Zoals de Heiland klaarstond om die vader te helpen wiens zoon 'maanziek'2was, zo staat Hij ook klaar om in deze tijd ons ongeloof te hulp te komen, zodat we met geloof onze worstelingen in dit leven kunnen overleven en 'als overwinnaar uit de strijd [mogen] komen.'3

Geloof in de Heer Jezus Christus is het eerste evangeliebeginsel.4Geloof is '[hoop] op dingen, die niet worden gezien, maar die waar zijn'5'Iemand die geloof heeft, is altijd gemotiveerd om (. . .) lichamelijk en mentaal in actie te komen.'6'Geloof in Jezus Christus houdt in dat we zoveel vertrouwen in Hem hebben, dat we gehoorzaam zijn aan wat Hij ons ook gebiedt. Zonder gehoorzaamheid is er geen geloof.'7

'Zo is dan geloof uit het horen' van het woord van God, en het is een geestelijke gave.8Geloof groeit als we niet alleen horen, maar ook handelen naar het woord van God, gehoorzaam aan de waarheden die ons geleerd zijn.9

Het antwoord van Maria op de aankondiging van de engel is een schitterend voorbeeld. Maria kreeg van de engel Gabriël te horen: 'Gij zult zwanger worden en een zoon baren, en gij zult Hem de naam Jezus geven. Deze zal groot zijn en Zoon des Allerhoogsten genoemd worden.' Maria zei toen gehoorzaam tegen Gabriël: 'Zie, de dienstmaagd des Heren; mij geschiede naar uw woord.'10

Bij een andere gelegenheid '(. . .) Zag [Jezus] twee broeders, Simon, die Petrus genoemd wordt, en Andreas, diens broeder, een net in zee werpen; want zij waren vissers.

'En Hij zeide tot hen: Komt achter Mij en Ik zal u vissers van mensen maken.

'Zij nu lieten terstond hun netten liggen en volgden Hem.'11

Na de herrijzenis van de Heiland gingen Petrus en andere discipelen vissen. Maar 'die nacht vingen zij niets. Toen het reeds morgen werd, stond Jezus aan de oever; de discipelen wisten echter niet, dat het Jezus was.' Hij zei tegen hen: 'Werpt uw net uit aan de rechterzijde van het schip en gij zult vinden. Zij wierpen het (net) uit en konden het niet meer trekken vanwege de menigte der vissen.'12

Zo'n geloofsversterkende gehoorzaamheid zien we ook in het leven van de profeet Joseph Smith. Na de nachtelijke bezoeken van de engel Moroni op 21 september 1823, ging Joseph 's morgens met zijn vader aan het werk. Omdat hij bijna de hele nacht wakker was geweest, 'bleek [hij] zo uitgeput te zijn, dat [hij] er helemaal niet toe in staat was.' Zijn vader zei dat hij weer naar huis moest gaan, en '[hij] begaf [zich] op weg (. . .); maar [zijn] krachten begaven [hem] geheel, en [hij] viel (. . .) hulpeloos op de grond en lag daar enige tijd zonder [zich] ook maar van iets bewust te zijn.' Toen hij bijkwam, 'keek [hij] op en zag boven [zijn] hoofd dezelfde boodschapper staan, evenals tevoren door licht omgeven.' Hij gebood Joseph om 'naar [zijn] vader te gaan en hem te vertellen van het visioen en de opdrachten die [hij] had ontvangen.' Hoewel hij begrijpelijkerwijs moe was, ging hij gehoorzaam 'terug naar [zijn] vader in het veld en vertelde hem alles.' Zijn vader antwoordde 'dat het van God was en dat [hij] moest heengaan en doen wat de afgezant des hemels [hem] had opgedragen.' Toen verliet Joseph, uitgeput maar gehoorzaam, 'het veld en begaf [zich] naar de plaats waar volgens de bode de platen bewaard lagen', een paar kilometer verderop.13

Elke dag besluiten we wat we wel en niet zullen doen en kunnen daarbij uit talloze mogelijkheden kiezen. Als het onze eerste prioriteit is de geboden blijmoedig te gehoorzamen, en niet mopperen of oordelen over wat Hij ons gebiedt, worden we dienstmaagden van de Heer en vissers van mensen, en werpen we ons net uit aan de rechterzijde van ons eigen schip. We doen gewoon wat de Heer heeft geboden, ook als we moe zijn, in het vertrouwen dat Hij ons zal helpen om precies te doen wat Hij vraagt.14Als we dat doen, komt de Heer ons ongeloof te hulp en wordt ons geloof krachtig, levend en onwankelbaar. De profeet Joseph Smith schreef vanuit de gevangenis in Liberty: 'Zeer geliefde broeders, laten wij daarom blijmoedig alles doen wat in ons vermogen ligt, en dan mogen wij onbewogen staan met de volste verzekering, de zaligheid Gods en de openbaarmaking van zijn arm te kunnen zien.'15

Ongeacht wie we zijn of waar we wonen, er is altijd veel routine en herhaling in ons dagelijks leven. Daarbij moeten we heel bewust doen wat het belangrijkste is. Dat houdt ook in dat we allereerst ruimte maken voor de minimale, dagelijkse vereisten voor gelovig gedrag: oprechte gehoorzaamheid, nederig gebed, serieuze schriftstudie en onzelfzuchtige hulp aan anderen. Geen andere vitaminen die we dagelijks innemen, versterken de spieren van ons geloof zo snel. We moeten ook niet vergeten dat oprecht vasten ons geloof versterkt. Dat is vooral belangrijk als we in geloof proberen af te rekenen met ingeroeste karakterfouten die we alleen kwijtraken 'door bidden en vasten.'16

Geloof in de Heer Jezus Christus ontwikkelen is een proces dat stap voor stap, regel op regel en gebod op gebod verloopt. We stimuleren het proces van geloofsversterking als we doen wat goed is — groeiend geloof is daarvan altijd het gevolg.17Als we dagelijks ons geloof oefenen door gebed, studie en gehoorzaamheid, zal de Heiland ons ongeloof te hulp komen en wordt ons geloof een schild dat 'alle vurige pijlen van de goddelozen (. . .) [kan] uitblussen.'18Alma heeft gezegd dat we elke verleiding van de duivel kunnen weerstaan met ons geloof in de Heer Jezus Christus.19We kunnen echter niet de belangrijke ingrediënten van het geloof negeren of verwerpen en toch 'een rijke oogst' verwachten.

Wij zien in deze tijd talloze voorbeelden van ontwikkelend geloof van kerkleden. Als jongemannen, jongevrouwen en volwassen echtparen een zendingsoproep aanvaarden, als echtparen zich in deugd voorbereiden op een huwelijk in de heilige tempel, als ouders hun kinderen oefenen volgens de eis van hun weg20, versterken zij hun geloof in de Heer Jezus Christus. Als wij de sabbat heiligen, onze roeping grootmaken, onze tiende en vastengaven betalen, nieuwe leden in de kerk verwelkomen in de groep waarin ze thuishoren, en vrienden en buren vragen zich te verdiepen in de waarheden van het evangelie, versterken we ons geloof. Als we ervoor kiezen onze zonden na te laten en ons willen bekeren, en zowel in goede als in woelige tijden op onze knieën vallen om te bidden, ontwikkelen we een krachtig geloof.

Dan merken we dat er in ons eigen leven gebeurt wat in het Boek van Mormon wordt beschreven: 'Nochtans vastten en baden zijn dikwijls, en werden sterker en sterker in hun ootmoed, en steeds standvastiger in het geloof van Christus, zodat hun ziel met blijdschap en vertroosting werd vervuld, ja, zodat hun hart werd gereinigd en geheiligd, welke heiliging geschiedde, omdat zij hun hart aan God hadden gewijd.'21

Ik weet dat de Heiland leeft en dat Hij ons ongeloof te hulp komt. In de naam van Jezus Christus. Amen.

NOTEN

1. Zie Marcus 9:14–29; zie ook Matteüs 17:14–18.
2. Matteüs 17:15.
3. LV 10:5.
4. Zie Geloofsartikelen 1:4; Bible Dictionary, 'Faith,' blz. 670.
5. Alma 32:21; zie ook Hebreeën 11:1; Ether 12:6.
6. Bible Dictionary, blz. 670.
7. Evangeliebeginselen, blz. 18.
8. Zie Romeinen 10:17; Moroni 10:11; Bible Dictionary, blz. 669.
9. Zie Bible Dictionary, blz. 669–670.
10. Lucas 1:31–32, 38.
11. Matteüs 4:18–20.
12. Johannes 21:2–4, 6.
13. Geschiedenis van Joseph Smith 1:47–50.
14. Zie 1 Nephi 3:7.
15. LV 123:17.
16. Matteüs 17:21; zie ook Marcus 9:29.
17. Zie Bible Dictionary, blz. 669.
18. LV 27:17.
19. Alma 37:33.
20. Zie Spreuken 22:6.
21. Helaman 3:35.

 
© 2008 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.   Rights and use information.  Privacy policy