ANNE C. PINGREE
Tweede raadgeefster in het algemeen ZHV-presidium
Geloof, het geestelijke vermogen om overtuigd te zijn van beloften die
we 'uit de verte' zien (...) is een feilloze maatstaf voor wie oprecht
geloven.
Nooit zal ik een snikhete dag in het weelderige regenwoud in het zuidoosten
van Nigeria vergeten. Mijn man en ik waren naar een van de meest afgelegen
plaatsen van ons zendingsgebied gereisd zodat hij tempelaanbevelingsgesprekken
kon voeren met leden in het district Ikot-Eyo. Sommigen in dat groeiende
district waren nog geen twee jaar lid van de kerk. Alle leden woonden 4800
kilometer van de dichtstbijzijnde tempel in Johannesburg (Zuid-Afrika) vandaan.
Geen van allen had de tempelbegiftiging ontvangen.
Die leden wisten op welke dag van de maand we naar hun district zouden komen,
maar zelfs wij wisten niet precies hoe laat dat zou zijn; we konden ook niet
bellen, want telefoons waren zeldzaam in dat deel van West-Afrika. Dus die
toegewijde Afrikaanse heiligen kwamen vroeg in de ochtend om zo nodig de
hele dag te wachten op hun tempelaanbevelingsgesprek. Toen we aankwamen,
zag ik tussen de wachtenden in de schroeiende hitte twee ZHV-zusters, gekleed
in een bonte omslagdoek, een witte bloes en met de traditionele Afrikaanse
hoofdbedekking.
Vele uren later, toen alle gesprekken achter de rug waren en mijn man en
ik terugreden over dat zanderige junglepad, waren we stomverbaasd toen we
die twee zusters nog zagen lopen. We beseften dat ze vanaf hun dorp gelopen
hadden — dertig kilometer — alleen maar voor een tempelaanbeveling
waarvan ze wisten dat ze die nooit zouden gebruiken.
Deze Nigeriaanse heiligen geloofden in de raad van president Howard W. Hunter:
'Het zou de Heer behagen als elk volwassen lid een geldige tempelaanbeveling
waardig zou zijn — en bij zich zou dragen — zelfs als de tempel
niet dichtbij is en geregeld bezoek niet tot de mogelijkheden behoort.'1 Elke
zuster had haar tempelaanbeveling, zorgvuldig in een schone zakdoek gevouwen,
in haar hand. Ik draag hun voorbeeld van geloof zorgvuldig in mijn hart
mee.
Die twee verbondszusters van de ZHV belichamen de betekenis van Alma's lering
aangaande geloof: 'Geloof is niet een volmaakte kennis van zaken te
hebben; bijgevolg, als gij geloof hebt, hoopt gij op dingen, die niet
worden gezien, maar die waar zijn.2
Geloof is de persoonlijkste weerspiegeling van aanbidding van — en
toewijding aan — onze hemelse Vader en zijn eniggeboren Zoon, Jezus
Christus. Gesteund door dit eerste en allerbelangrijkste evangeliebeginsel,
zien we op naar onze Heiland, wetend dat 'Jezus de leidsman en voleinder
van ons geloof [is].'3
Mijn overoudtante, Laura Clark Phelps was het eerste lid van de familie
Clark dat zich bij de kerk aansloot. Zij was een vrouw die een uitzonderlijk,
standvastig, onwankelbaar geloof in de Heer toonde.4
Uit Laura's nalatenschap komen we veel te weten over het geloof als 'de
zekerheid der dingen die men hoopt, en het bewijs der dingen die men niet
ziet.'5 Ze kreeg haar patriarchale zegen van Joseph Smith sr.
Zij kreeg daarin de raad om trouw te zijn, en ze zou een erfdeel in Zion
krijgen. Verder werd haar gezegd: 'roep God in geloof aan, en als u wilt,
zullen alle verlangens van uw hart in vervulling gaan.'6
Laura en haar man kenden de profeet Joseph Smith. Op een dag kwam de profeet
Joseph Smith met zijn broer Hyrum naar hun boerderij buiten Far West (Missouri)
gerend, waar Laura hen achter het gordijn verborg. Kalm stond ze tegenover
de leiders van de bende die kort daarna binnenholden, op zoek naar de profeet.
Laura onderging de vreugde en de ontberingen van de eerste kerkleden in
deze bedeling. Haar geloof verdiepte zich toen ze verschillende keren uit
haar huis werd verdreven en van haar man werd gescheiden. Als bekwame vroedvrouw
was ze dag en nacht op pad en trotseerde ze weer en wind om haar gezin te
onderhouden. Voor die overmatige inspanning moest zij de tol betalen. Ze
stierf op de jonge leeftijd van 34, en liet haar man en vijf kinderen achter.
Ze heeft niet gezien hoe haar kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen
haar volgden in het geloof. Ze heeft hier op aarde niet haar eigen tempelbegiftiging
ontvangen, een zegen die ze volgens mij gekoesterd zou hebben.
Laura's getrouwe leven getuigt van dit vers uit Hebreeën: 'In geloof
zijn deze allen gestorven, zonder de beloften verkregen te hebben; slechts
uit de verte hebben zij die gezien en begroet, en zij hebben beleden, dat
zij vreemdelingen en bijwoners waren op aarde.'7 Het geloof leefde
in Laura, en Laura leefde naar haar geloof.
Ik hou van mijn overoudtante Laura en draag haar voorbeeld in mijn hart.
Zij brengt mij, net als die ZHV-zusters in Nigeria, in herinnering: 'Alle
dingen zijn mogelijk voor wie gelooft.'8
Het geestelijke vermogen om overtuigd te zijn van beloften die we 'uit de
verte' zien maar misschien niet in dit leven verkrijgen, is een feilloze
maatstaf voor wie oprecht geloven. Ouderling Bruce R. McConkie verwoordde
die waarheid als volgt: 'Geloof in zijn volle en pure vorm vereist een onwankelbare
zekerheid en (...) absoluut vertrouwen dat [God] onze smeekbeden hoort
en onze gebeden verhoort'9 op zijn eigen tijd. Wij zijn ervan
overtuigd dat ook wij kunnen '[staan] in het geloof'10, vandaag
en morgen.
Het doet er niet toe waar we wonen of wat onze omstandigheden zijn. Elke
dag kunnen we door ons rechtschapen leven geloof tonen in Jezus Christus,
waardoor we verder kijken dan aardse pijn, teleurstellingen en onvervulde
beloften. Het is heerlijk om een geloof te hebben waardoor we kunnen uitkijken
naar de dag dat 'al het beloofde wordt (...) gegeven.'11
Toen zij in West-Afrika met elke gelovige voetstap over dat zanderige junglepad
liepen, konden die dappere, Nigeriaanse zusters zich niet voorstellen dat
er op een dag in hun eigen land de muren van een heilige tempel Gods zouden
verrijzen. Zij konden zich niet voorstellen dat de geïnspireerde woorden
van een andere profeet van God, president Gordon B. Hinckley, de beloofde
zegeningen zouden brengen waarop ze hoopten en die ze 'vanuit de verte' gezien
hadden. Ze wisten alleen dat de Heer zijn evangelie in deze tijd hersteld
had, dat een getuigenis van dat evangelie in hun hart brandde, dat geloof
hun levensweg verlichtte. Toen handelden zij volgens de raad van een profeet
om een tempelaanbeveling waardig te zijn en bij zich te dragen.
Mijn man en ik dachten op die gedenkwaardige dag in april 2000 met tederheid
aan die zusters en zo veel andere West-Afrikaanse heiligen toen president
Gordon B. Hinckley zei: 'We [maken] in deze conferentie bekend dat we
een huis des Heren in Aba (Nigeria) hopen te bouwen.'12 Broeders
en zusters, ik getuig dat 'wonderen (...) geloof (...) bekrachtigen'13 De
tempels van Afrika zijn een schitterend voorbeeld van wonderen, veroorzaakt
door het geloof en de offers van veel heiligen in de dorpjes en steden, verspreid
over dat uitgestrekte continent.
Ik ben innig dankbaar het geloof te hebben gezien van twee pioniers in Afrika
die vele kilometers liepen voor een tempelaanbevelingsgesprek. Ik ben blij
dat de tempel in aanbouw in Nigeria deze vrouwen, hun gezin en nog duizenden
anderen de kans zal bieden hun aanbeveling te gebruiken als symbool en belichaming
van hun geloof.
Soms kunnen we de zegeningen die we nog moeten ontvangen met onze sterfelijke
ogen niet zien. Ik getuig dat het altijd geloof is waardoor we 'vanuit de
verte' en met een geestelijke visie alles kunnen zien wat God voor zijn kinderen
voor ogen heeft.
Net zo zeker als de zusters die over dat zanderige junglepad liepen het
wisten, weet ik dat God leeft. Hij heeft ieder van ons, op elk continent,
lief en wil ieder van ons zegenen. Ik weet dat ons geloof in Jezus Christus
ons elke dag tot steun kan zijn als wij 'alles doen wat in ons vermogen ligt',
en met de 'volste verzekering'14 weten dat deze beloften die we
misschien 'vanuit de verte' zien op een dag alle zegeningen brengen waarop
we hopen. In de naam van Jezus Christus. Amen.
NOTEN
1. 'Een tempelgericht volk',De Ster, mei 1995,
p. 5.
2. Alma 32:21; cursivering toegevoegd.
3. Hebreeën 12:2.
4. Zie 1 Korintiërs 16:13; Jakobus 1:6.
5. Hebreeën 11:1.
6. Morris Calvin Phelps,Life History of Laura
Clark (Archieven van
De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, geen datum),
microfilm, 3.
7. Hebreeën 11:13.
8. Marcus 9:23.
9.A New Witness for the Articles of Faith [1985],
p. 187.
10. 1 Korintiërs 16:13.
11. 'O volheid van zegen', lofzang 3.
12. 'Tijd voor een nieuw begin',Liahona, juli
2000, p. 107.
13. Bible Dictionary, 'Faith', p. 669.
14. LV 123:17.