The Christus statueThe Church of Jesus Christ of Latter-day Saints Search | Feedback | Site Map | Help | Country Sites |
Home Talen Hoofdmenu
Algemene conferentie
April 1999
Gehoorzaamheid: het pad naar vrijheid

Gehoorzaamheid: het pad naar vrijheid

President James E. Faust
Tweede raadgever in het Eerste Presidium

Gehoorzaamheid leidt tot echte vrijheid. Hoe meer we geopenbaarde waarheid gehoorzamen, des te vrijer worden we.

President James E. Faust

Mijn geliefde broeders, ik sta vanavond voor u met een diep gevoel van liefde en respect voor u, omdat u het priesterschap dat u draagt eert met uw gehoorzaamheid. Ik heb gebeden om leiding bij mijn toespraak, omdat ik mijn stem tot waarschuwing wil verheffen. In de huidige samenleving wordt het verschil tussen goed en kwaad overschreeuwd door luide, verlokkelijke stemmen die roepen om bandeloos gedrag. Zij bepleiten absolute vrijheid zonder zich te storen aan de gevolgen. Ik verklaar ondubbelzinnig dat dergelijk gedrag de mensen onherroepelijk kapot zal maken.

Vanavond spreek ik tot de priesterschap van deze kerk, en in het bijzonder tot de jongemannen van de Aäronische priesterschap, over hoe men echt vrij kan worden. Gehoorzaamheid leidt tot echte vrijheid. Hoe meer we geopenbaarde waarheid gehoorzamen, des te vrijer worden we. Gehoorzaamheid maakt ons echt vrij. President David O. McKay heeft het eens gehad over zijn paard, Dandy, dat volledig vrij wilde zijn, zonder belemmeringen. President McKay zei toen:

'Gezadeld was hij zo mak, gehoorzaam en bereidwillig als een paard maar kan zijn. ( . . . )

'Maar Dandy hield niet van beperkingen. Hij raakte ontstemd als hij was vastgebonden en beet dan het touw door. Niet dat hij wegrende, hij wilde alleen maar vrij zijn. En omdat hij dacht dat andere paarden er hetzelfde over dachten, maakte hij ook hun touwen los. ( . . . ) Hij leerde zelfs hoe hij het hek kon open krijgen. Hoewel zijn escapades irritant waren en mij soms veel geld kostten, bewonderde ik zijn intelligentie en vindingrijkheid.

'Maar zijn nieuwsgierigheid en verkenningstochten brachten hem en mij in moeilijkheden. Zo is hij een keer aangereden op de snelweg. ( . . . )

'Toen hij daarvan was hersteld, bleek dat zijn lust tot zwerven niets had ingeboet, want hij inspecteerde direct de hele omheining. Het hek hadden we met ijzerdraad dichtgebonden. ( . . . )

'Maar op zekere dag had iemand verzuimd het ijzerdraad om het hek te doen. Dandy kreeg dat al gauw in de gaten en wist het hek te openen. Hij en een ander paard ( . . . ) gingen ervandoor ( . . . ) naar een oud huis dat als opslagruimte dienst deed. Nieuwsgierig als Dandy was, duwde hij de deur open. ( . . . ) Daar stond een zak graan. Wat een vondst! Ja, en wat een ramp! Het graan was lokaas voor knaagdieren! Een paar minuten later hadden Dandy en het andere paard hevige krampen. Kort daarna waren ze allebei dood.'

President McKay vervolgde:

'Wat lijkt Dandy op veel van onze jongeren! ( . . . ) Ze zijn impulsief, levenslustig en nieuwsgierig ( . . . ) zij zijn ongedurig als hun beperkingen worden opgelegd, maar als ze bezig worden gehouden, goed en zorgvuldig worden begeleid, zal blijken dat ze bereidwillig en capabel zijn; maar als ze aan hun lot worden overgelaten, gebeurt het maar al te vaak dat ze overtredingen begaan, die tot erger leiden, rampen en zelfs de dood.'1

De toom, dat wil zeggen zich gehoorzaam schikken naar opgelegde beperkingen, is noodzakelijk voor onze groei en vooruitgang. Onlangs was er een reportage op tv over gedetineerden die wilde paarden temden. Door hun werk met de paarden kregen de gedetineerden meer inzicht in geduld, zelfbeheersing, respect voor anderen en de waarde van het volgen van een bepaald werksysteem. Zij zagen hoe de paarden leerden de bevelen te gehoorzamen en ze beseften dat dit ook voor hen gold. Zij zagen in dat ze de fouten hadden kunnen vermijden waardoor ze in de gevangenis terecht waren gekomen. Ik voeg daaraan toe dat gehoorzaamheid aan rechtvaardige beginselen hen vrij had gemaakt van de sociale kwalen, schande en verwording, en schuldgevoelens. Maar evenals de paarden konden zij leren, vooruitgang maken en iets tot stand brengen.

We horen veel luide stemmen die alle beperkingen willen opheffen, vooral de morele. De geschiedenis leert ons echter dat elke geslaagde samenleving haar grenzen heeft gehad. En denk ook eens aan de aarde. Die is geformeerd uit materie en in het begin was zij ledig, woest en duister. Maar God schiep orde door scheiding aan te brengen tussen het licht en het duister. Gods bevel werd gehoorzaamd en de aarde had haar eerste dag, gevolgd door de eerste nacht. Daarna gebood God de schepping van de atmosfeer, waarna Hij de zon, de maan en de sterren heeft geschapen om licht te geven volgens hun tijden en jaargetijden. Na een serie bevelen en gehoorzaamheid aan die bevelen, werd de aarde niet alleen bewoonbaar maar ook prachtig.2

Broeder Jake Garn, voormalig Amerikaans senator, is een paar jaar geleden met een team Amerikaanse astronauten de ruimte ingegaan. Het uitzicht vanuit de space shuttle Discovery op de immense hemelen ontlokte aan hem de uitspraak dat hij er meer dan ooit van overtuigd was dat we allemaal kinderen van God zijn en dat de aarde functioneert in gehoorzaamheid aan Gods wetten. Hij zei ook dat de aarde er vanuit de ruimte absoluut adembenemend uitziet, zo prachtig was zij.3

De planeet waarop wij wonen, neemt op zichzelf een unieke plaats in het heelal in. Maar zij maakt ook deel uit van ons zonnestelsel, een ordelijk systeem met acht andere planeten, asteroïden, kometen en andere hemellichamen die om de zon draaien. Net als de aarde een op zichzelf staande planeet is, is ieder van ons dat ook in zijn eigen sfeer. We leiden allen ons individuele leven, maar we maken deel uit van een gezin en van een samenleving, waarin orde voor een harmonieus systeem zorgt dat stoelt op gehoorzaamheid aan beginselen. Orde en gehoorzaamheid zijn niet, zoals sommigen ons willen doen geloven, beperkend of benauwend, integendeel. Zoals orde leven en schoonheid op een donkere en ledige aarde mogelijk maakte, zo geldt dat ook voor ons. Als we gehoorzaam zijn kunnen we ons ontplooien zoals onze hemelse Vader dat graag wil, zodat we eens in zijn tegenwoordigheid kunnen wonen.

En, broeders, een ander facet van vrijheid is vertrouwen. Bijna zestig jaar geleden, toen ik op mijn eerste zending ging, leerde president McKay ons zendelingen een grote waarheid. Hij kwam zonder een woord te zeggen de ruimte binnen waarin wij ons hadden verzameld in het oude zendingshuis. Hij liep naar het bord, pakte een stukje krijt op en schreef: 'Vertrouwd te worden is beter dan geliefd te zijn.' Ik heb over die uitspraak nagedacht en ben op een paar goede voorbeelden daarvan gestuit. Ik wil een zo'n voorbeeld uit de Schriften aanhalen.

Jozef, de zoon van Jakob en Rachel, was als jonge knaap als slaaf verkocht. Potifar, een dienaar van de Egyptische farao, kocht hem. Zelfs in deze ongunstige omstandigheden, kreeg Jozef het vertrouwen, eerst van Potifar. Maar door een gewetenloze daad van Potifars vrouw belandde Jozef in het gevang. Ten tweede won hij het vertrouwen van zijn bewakers en verwierf de faam een groot onderscheidingsvermogen te hebben. Farao had twee dromen die hem parten speelden. Toen Jozefs gave de farao ter ore kwam, liet hij hem halen om de dromen uit te leggen. Jozef wist hem door inspiratie te vertellen dat zeven jaar van overvloed gevolgd zouden worden door zeven jaar van hongersnood. Ten derde, farao aanvaardde niet alleen de uitleg van de dromen, maar bovendien vertrouwde ook hij Jozef en stelde hem aan als heerser in Egypte, alleen de farao zelf had meer macht. De jaren gingen voorbij en de hongersnood deed zijn intrede. Jozefs broers reisden van Kanaän naar Egypte voor koren. Zo wist Jozef al zijn broers en zijn vader van de hongerdood te redden.4 Daar hij het vertrouwen wist te winnen van zijn meerderen, kon Jozef een grote mate van vrijheid genieten. Evenals Jozef kan ook jij het vertrouwen winnen van anderen, maar vertrouwen moet verdiend worden.

En natuurlijk is de Heiland in alles ons voorbeeld. De apostel Paulus heeft geschreven: '( . . . ) zo heeft Hij, hoewel Hij de Zoon was, de gehoorzaamheid geleerd.'5 Ook wij kunnen, in onze eigen beperkte sfeer, leren gehoorzaam zijn, zoals Christus dat heeft gedaan. Als we jong zijn krijgen we respect voor autoriteit doordat we onze ouders gehoorzaam zijn, waardoor wij hun vertrouwen krijgen. Als we niet gehoorzaam zijn, lijken we op de jonge Jack die van zijn vader te horen kreeg: 'Elke keer als je ongehoorzaam bent, krijg ik er een grijze haar bij.' 'Aha, pa,' antwoordde Jack daarop, 'dus u was het van wie opa al zijn grijze haren heeft gekregen.'6 Hopelijk leert men op school andere lessen in discipline, die ons bij de intermenselijke relaties van pas zullen komen. Als gehoorzaamheid onze doelstelling wordt, zullen we ons er niet langer

Gehoorzaamheid aan het woord van wijsheid behoedt ons voor verslavingen aan alcohol, drugs of tabak. Ons lichaam zal gezond zijn en ons verstand helder, want de belofte die met dit beginsel samenhangt is dat 'alle heiligen, die deze woorden ter harte zullen nemen en nakomen, en in gehoorzaamheid aan de geboden zullen leven, zullen gezondheid in hun navel, en merg in hun beenderen ontvangen.'7

Een aanvullende belofte in deze openbaring geeft aan dat we 'wijsheid en grote schatten aan kennis [zullen] vinden, ja, verborgen schatten.'8 Door gehoorzaamheid nemen we dus ook in kennis toe. Verder heeft de Heiland gezegd: 'Indien iemand diens wil doen wil, zal hij van deze leer weten.'9

Gehoorzaamheid geeft gemoedsrust bij het nemen van beslissingen. Als we ons vast hebben voorgenomen om de geboden na te leven, hoeven we die beslissing niet elke keer te nemen als we geconfronteerd worden met verleiding. Zo schenkt gehoorzaamheid geestelijke veiligheid.

En, broeders, een ander facet van gehoorzaamheid is onze gehoorzaamheid aan geestelijke indrukken. Ook dat kan ons vrij maken. Hoe vaak hebben we spijt gehad dat we geen gehoor hebben gegeven aan een ingeving uit een hogere bron?

Ephraim Hanks is een opmerkelijk voorbeeld van gehoorzaamheid aan geestelijke indrukken. In de herfst van 1856 was hij op een avond naar bed gegaan toen hij een stem hoorde zeggen: 'Het volk van de handkarren is in moeilijkheden en jouw hulp is nodig; wil je ze gaan helpen?' Zonder enige weifeling antwoordde hij: 'Ja, als ik ervoor geroepen word.' De ingeving volgde nogmaals en zelfs een derde keer. Zijn antwoord was hetzelfde.

Hij reed snel van Draper naar Salt Lake City. Toen hij daar aankwam hoorde hij de oproep voor vrijwilligers om de laatste handkargroep de vallei in te begeleiden. Sommige broeders zeiden dat ze er-over een paar dagen pas klaar voor waren, maar Eph sprong op en zei: 'Ik ben er nu klaar voor!' Hij hield woord en ging op weg, alleen.

Er brak een helse storm los toen hij over de bergen naar het oosten trok. De storm duurde drie dagen. De sneeuw was zo diep dat er met geen mogelijkheid een wagen doorheen kwam. Daarom besloot Eph te paard verder te gaan. Hij ging met twee paarden, één om te berijden en één om te bepakken. Behoedzaam koos hij zijn weg door de bergen. Toen de schemering inviel, sloeg hij zijn kamp op bij South Pass. Toen hij wilde gaan slapen, moest hij aan de hongerige heiligen denken en intuïtief vroeg hij de Heer hem een bizon te sturen. Toen hij na zijn gebed zijn ogen opende, zag hij tot zijn grote verbazing op nog geen vijftig meter een bizon staan. Hij richtte en met één schot legde hij de kolos neer die de holte inrolde waar hij zijn kamp had opgeslagen. Hij sneed de bizon aan stukken, waarna hij dankbaar in slaap viel.

De volgende ochtend vroeg ging hij met de twee paarden en het bizonvlees op weg naar Ice Springs Bench. Daar schoot hij nog een bizon neer, hoewel het zelden voorkwam dat er in dit gebied zo laat in het seizoen nog bizons waren. Na het vlees in lange stukken te hebben gesneden, bepakte hij zijn paarden en vervolgde zijn tocht tot het donker werd. En nu citeer ik uit Eph's eigen verslag:

'Ik denk dat de zon ongeveer een uur hoog in het westen was toen ik iets in de verte ontwaarde dat eruitzag als een donkere streep in de sneeuw. Toen ik naderbij kwam, zag ik dat het bewoog; toen was het voor mij duidelijk dat dit de onfortuinlijke handkargroep van kapitein Edward Martin was. ( . . . ) De aanblik van de magere lichamen en afgetobde gelaten van de arme lijdenden, die langzaam en rillend van de kou hun karige avondmaal aan het bereiden waren, zou zelfs de hardste ziel hebben geraakt. Toen ze me zagen aankomen, verwelkomden ze me met onuitsprekelijke vreugde; en toen ze in de gaten kregen dat ik vlees bij me had, kende hun dankbaarheid geen grenzen. Ze verdrongen zich om mij heen en iemand zei: "O, alstublieft, mag ik een stukje vlees?"; en een ander riep uit: "Mijn arme kinderen komen om van de honger, mag ik ook een stuk?"; en kinderen met tranen in hun ogen riepen: "Ik wil ook, ik wil ook." Eerst deelde ik het vlees uit als ze erom vroegen, maar later zei ik tegen ze dat ze het zelf maar moesten pakken. Vijf minuten later waren alle twee mijn paarden ontdaan van hun extra last -- al het vlees was weg, en de daaropvolgende uren was iedereen in het kamp druk met het koken en eten, met een dankbaar hart.'10

Eph zorgde ook voor de zieken en lijdenden. Over hen schreef hij: Veel van de emigranten hadden bevroren ledematen, die geheel of gedeeltelijk moesten worden afgezet. Velen van hen waste ik met water en castiliaanse zeep, totdat de bevroren delen eraf vielen. ( . . . ) Sommige emigranten verloren tenen, anderen vingers, en nog weer anderen handen en voeten.' Hij bleef bij ze op hun vervolgtocht met hun handkarren en voorzag hen van bizonvlees. Uiteindelijk kwamen ze de hulpgroepen met hun wagens tegen, die hen naar Zion brachten.

Ephraim Hanks gaf gehoor aan geestelijke ingevingen en voor mij staat het vast dat hij daardoor kon uitgroeien tot de held die alleen op weg ging in dat noodlottige winterse weer om het leven van veel pioniers te redden. Hij luisterde naar de in-fluisteringen van de Geest en gaf gehoor aan de oproep van de algemene autoriteiten. Daardoor werd hij voor die lijdende pioniers de bron waaruit bevrijding kwam.

Vrijheid is een kostbare gave die ons deel wordt als we gehoorzaam zijn aan de wetten van God en de influisteringen van de Geest. Als we vernietiging willen vermijden, wat het lot was van Dandy, het paard van president McKay, en het andere paard, moeten we hekken en vangrails optrekken waar we niet langs moeten gaan. De hekken waarachter we moeten blijven, zijn de beginselen van geopenbaarde waarheid. Onze gehoorzaamheid aan die waarheden zal ons waarlijk vrij maken, zodat we ons potentieel kunnen bereiken en de heerlijkheid die onze hemelse Vader voor ons heeft klaarliggen.

Ik getuig tot u allen over het belang van gehoorzaamheid. Ik wil ook tot u, broeders, getuigen van de profetische mantel die op president Hinckley rust, waardoor hij inspiratie en leiding kan ontvangen van het Hoofd van deze kerk, de Heer en Heiland, wat ik doe in zijn heilige naam, Jezus Christus. Amen.

NOTEN

1. Stories for Mormons, Rick Walton en Fern Oviatt, Bookcraft, 1983, Publishers Press, Salt Lake City (Utah).
2. Zie Abraham 4.
3. Gesprek met E. Jake Garn, 23 februari 1999.
4. Zie Genesis 41:39­42.
5. Hebreeën 5:8.
6. Aangepast overgenomen uit Braude's Treasury of Wit and Humor, Jacob M. Braude, Prentice-Hall, Inc., Englewood Cliffs, N.J., 1964. Blz. 147.
7. LV 89:18.
8. LV 89:19.
9. Johannes 7:17.
10. Zie Scouting for the Mormons on the Great Frontier, Sidney Alvarus Hanks en Ephraim K. Hanks, 1948, Deseret News Press, blz. 132, 133, 135­136, 140.

 
© 2008 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.   Rights and use information.  Privacy policy