The Christus statueThe Church of Jesus Christ of Latter-day Saints Search | Feedback | Site Map | Help | Country Sites |
Home Talen Hoofdmenu
Algemene conferentie
April 1999
Welkom thuis

Welkom thuis

Bisschop Keith B. McMullin
Tweede raadgever in de Presiderende Bisschap

Heb geloof in Christus, vertrouw Hem, kom tot Hem, volg Hem na ( . . . ). De weg zal stap voor stap aan u worden geopenbaard, totdat u als vermoeide reiziger terugkomt waar u thuishoort.

Bisschop Keith B. McMullin

Geliefde broeders en zusters, nu deze conferentie ten einde loopt, gaan mijn gedachten uit naar hen die zich eenzaam voelen, bang zijn, of afgedwaald zijn. Als u, of iemand die u kent, 'daar ergens in de schaduw is' (Gordon B. Hinckley, De Ster, juli 1997, blz. 48), luister dan alstublieft!

Het aardse leven is net als de reiziger die op weg naar huis is. De afstand lijkt groot, de minuten kruipen voorbij, en de gebeurtenissen van de dag zijn langdurig en langdradig. Uiteindelijk komt echter de bekende omgeving in zicht. Het kunnen heuvels, valleien, landschappen, gebouwen, snelwegen of rustige buurten zijn. Hoe de omgeving er ook uitziet, het gevoel van vertrouwdheid versnelt de pas van de reiziger, stimuleert zijn vermoeide ziel en herstelt de aangename gevoelens van verwachting en gemoedsrust. Eindelijk is hij weer thuis.

In deze drukke, mobiele wereld wordt de ervaring van de reis naar huis iedere dag weer herhaald in het leven van miljoenen mensen. Als we goed opletten, kunnen we uit dergelijke voorbeelden veel over dit aardse leven leren. Eén ding is zeker: we maken een grote fout als we dit aardse leven te licht opvatten, of als we de aangegeven weg niet volgen. Een geliefde apostel heeft gezegd: 'Van alle fouten die een mens kan maken, is het heilsplan van God wel het laatste waar we ons in mogen vergissen! Er zijn geen fouten die ernstiger zijn of meer eeuwige gevolgen hebben!' (Neal A. Maxwell, Ensign, mei 1984, blz. 22.)

De succesvolle reiziger begrijpt en handelt overeenkomstig vier beginselen: de eeuwigheid van het leven, de aard van de zonde, de schoonheid van de bekering, en de macht van de verzoening.

Het leven is meer dan een biologische aangelegenheid. Voordat we naar deze aarde kwamen, woonden we in de tegenwoordigheid van God. Zijn hemel was ons thuis. Wij zijn allemaal geestkinderen van Hem, en Hij is onze hemelse Vader (zie Abraham 3:23­25; Job 38:4­7; Jeremia 1:5). Door middel van de herstelling van het evangelie van Jezus Christus weten we dat dit aardse leven een onderdeel van Gods plan is en een belangrijke stap in onze eeuwige reis. De profeet van de Heer, president Gordon B. Hinckley, heeft gezegd: 'Het is een feit dat het leven eeuwig is. Dat is de geweldige waarheid. We zijn met een bepaald doel op aarde gekomen, als onderdeel van Gods plan. En als dit leven voorbij is, gaan we verder naar iets wat beter is, als we tenminste aan de vereisten voldoen.' (Priesterschapsleidersbijeenkomst, regionale conferentie, Charlotte [North Carolina], 24 februari 1996, blz. 5; cursivering toegevoegd.)

Door de aard van de zonden is dit aardse leven echter niet gemakkelijk. De apostel Paulus heeft geschreven:

'Weet wel, dat er in de laatste dagen zware tijden zullen komen.

'Want de mensen zullen zelfzuchtig zijn, geldgierig, pochers, vermetel, kwaadsprekers, aan hun ouders ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig, liefdeloos, trouweloos, lasteraars, onmatig, onhandelbaar, afkerig van het goede, verraderlijk, roekeloos, opgeblazen, met meer liefde voor genot dan voor God, die met een schijn van godsvrucht de kracht daarvan verloochend hebben; houd ook dezen op een afstand' (2 Timoteüs 3:1­5; cursivering toegevoegd).

Door onze zwakheden en onze kwetsbaarheid wordt de zonde een onderdeel van iedere reis. Dat is het gevolg als we onderworpen zijn aan wetten, tegenstellingen en keuzevrijheid. (Zie Alma 42:17­24; 12:31­34; 2 Nephi 2:11, 15­16, 25­27.) 'Als iemand dan weet goed te doen en het niet doet, is het hem tot zonde' (Jakobus 4:17).

Hoe goed onze bedoelingen ook zijn, of hoe voorzichtig we zijn, tijdens onze reis zijn we aan verleidingen onderhevig. Zelfs de Heiland werd verleid, en wij zijn aan soortgelijke verleidingen onderhevig. Over deze verleidingen -- stenen in brood veranderen, zich van het dak van de tempel werpen, en zijn ziel voor aardse bezittingen verkopen (zie Matteüs 4:2­10) -- heeft president David O. McKay gezegd: 'Classificeer ze, en u zult merken dat bijna iedere verleiding die ons kan besmetten onder een van die drie verleidingen van Christus valt: (1) een verleiding van begeerte; (2) een overgave aan de trots, de gewoonte en de ijdelheid van hen die van God zijn vervreemd; of (3) de bevrediging van het ( . . . ) verlangen naar aardse rijkdommen of macht.' (Conference Report, oktober 1911, blz. 59.)

Als we verleid worden, gaat ons geweten een rol spelen. Een gevoelig geweten is het bewijs van een gezonde geest. De pijn of het schuldgevoel is de reactie van de geest op de verleiding, de tekortkoming of de zonde. Het geweten is de metgezel van iedere reiziger (zie Moroni 7:16­19). Het geweten kan de reis ook erg onaangenaam maken, 'want allen hebben gezondigd' en 'de Here, kan niet met de geringste mate van toelating de zonde aanschouwen' (Romeinen 3:23; LV 1:31). Ik dank God voor deze geweldige gave die ons tot bekering kan leiden en ons gemoedsrust kan geven (zie Mosiah 4:1­3).

Onze hemelse Vader kent de ernstige gevaren die wij in dit leven onder ogen moeten zien. Maar Hij blijft standvastig in zijn verlangen om al zijn kinderen bij Hem thuis terug te laten komen. Daarom heeft Hij ons tijd gegeven -- tijd om onze fouten te verbeteren, onze zonden te overwinnen en ons op het wederzien voor te bereiden.

'Niettemin werd de mens een tijdruimte toegestaan, waarin hij zich zou kunnen bekeren; daarom werd dit leven een proefstaat, een tijd om zich voor te bereiden God te ontmoeten' (Alma 12:24).

Maar onze hemelse Vader wist dat we ondanks al onze inspanningen niet zonder hulp van God konden thuiskomen. Daarom heeft Hij beloofd: 'Wij zullen in een Heiland voorzien!' (Zie 1 Nephi 10:4; 13:40; Mozes 1:6; 2 Nephi 25:23.)

Deze belofte werd vervuld en Jezus Christus kwam in het midden des tijds, als de eniggeboren Zoon van God de eeuwige Vader op aarde. Hij heeft zijn proeftijd doorstaan zodat Hij 'volgens het aardse lichaam zal kunnen weten, hoe zijn volk hulp te verlenen volgens hun krankheden' (Alma 7:12; zie ook vers 11; Ether 12:27; LV 20:22; 62:1). Hij heeft alle beproevingen, angsten en pijnen doorstaan. Hoewel Hij zonder zonden was, ervoer Hij persoonlijk ons leed zodat Hij ons kan helpen (zie Jesaja 53:3­6).

Christus heeft de kloof tussen de sterfelijkheid en de onsterfelijkheid overbrugd. Het graf kan haar gevangenen niet langer vasthouden; de barmhartigheid kan de eisen der rechtvaardigheid bevredigen; het geweldige verzoeningswerk, dat eeuwig is, is volbracht (zie Alma 34:8­10, 14­16). Christus is de herrezen Heer, onze Heiland en Verlosser. Wacht daarom niet langer (zie Alma 13:27; 34:33­35).

Heb geloof in Christus, vertrouw Hem, kom tot Hem, volg Hem na (zie 3 Nephi 27:13­16; Moroni 10:32­33). Maak een lijst met de dingen die u niet zou moeten doen. Begin vandaag aan minimaal één punt op die lijst te werken, en vervang het door iets wat u juist wel moet doen. Vraag uw hemelse Vader om vergeving en kracht om deze reis te volbrengen. Als u een belemmering overwint en aan de volgende begint, beloof ik u dat de weg stap voor stap aan u zal worden geopenbaard, totdat u als vermoeide reiziger terugkomt waar u thuishoort.

Thomas (dat is niet zijn echte naam) was iemand die verdwaald was. Wij leerden elkaar kennen op een speciale haardvuuravond voor mensen die je niet iedere zondag in de kerk zag. Hij was toen 35 jaar oud, en was al 20 jaar niet actief meer in de kerk. De dag daarvoor had zijn vader hem uitgenodigd voor die haardvuuravond. Thomas had gezegd dat hij erover zou nadenken! Ik zal nu een stukje voorlezen uit een brief die zijn vader mij heeft geschreven:

'Een half uur voor de haardvuuravond belde [Thomas] mij op en vroeg of ik hem kon ophalen. Ik kan het gevoel niet uitleggen dat ik had toen we het lokaal binnenkwamen waar u en ongeveer 40 anderen zaten. Er heerste een bijzondere sfeer die [Toms] hart raakte. Hij ging naar huis met het voornemen om de gedeelten uit het Boek van Mormon te lezen die u had aangeraden.

'Vervolgens heeft hij het hele boek gelezen, en begon hij zijn tiende te betalen. Hij begon zijn leven vanuit een ander perspectief te zien. ( . . . ) Hij stopte met het gebruik van verdovende middelen en cafeïne. En hij bleef maar lezen. Niet alleen het Boek van Mormon, maar ook de Leer en Verbonden. Hij begon de avondmaalsdienst bij te wonen en ( . . . ) werd letterlijk een ander mens. We hebben hem voor de grap weleens gevraagd: "Wat heb je met onze zoon gedaan?"

'Onze grootste zegen was de dag dat hij met de bisschop sprak ( . . . ) om het Melchizedeks priesterschap te ontvangen. Dat is werkelijk een antwoord op de gebeden geweest die wij bijna 20 jaar lang voor hem hebben uitgesproken.' (Persoonlijke brief, 1 augustus 1997.)

Dit verslag doet ons aan de woorden van een andere ouder denken: 'Want mijn zoon hier was dood en is weer levend geworden, hij was verloren en is gevonden' (Lucas 15:24).

President Brigham Young heeft gezegd: 'Iedere geest die uit de ce-lestiale wereld hier op aarde komt, is zuiver en heilig. ( . . . ) Hij is de Vader van onze geest; en als wij zijn wil konden kennen, begrijpen en doen, zou iedere ziel worden voorbereid om bij Hem terug te keren. En als zij daar komen, zullen ze zich herinneren dat ze daar al eeuwenlang gewoond hebben, dat ze de paleizen, de wandelwegen en de tuinen maar al te goed kennen. Dan zullen ze hun Vader omarmen, en Hij zal zijn armen om hen heen slaan en zeggen: "Mijn zoon, mijn dochter, je bent weer thuis." En het kind zal zeggen: "O mijn Vader, mijn Vader, ik ben weer thuis."' (Journal of Discourses, deel 2, blz. 129.)

Met alle macht die ik bezit, getuig ik van de waarheid van deze woorden. Kom uit de schaduw te voorschijn! Stap in het volle licht van het evangelie. Geniet van de zoete vruchten van de bekering, de gewetensrust en de troost van de Heilige Geest. Laat deze reis u terugbrengen naar waar u thuishoort. Ik wil mijn getuigenis graag met de volgende tekst afsluiten:

O mijn Vader, die daarboven
woont in heerlijkheid en licht,
wanneer, ach! herwin 'k uw bijzijn
en zie 'k weer uw aangezicht?
Dan zal ik, in zuiv're bewond'ring
Voor U buigen, lieve Heer,
U bedanken voor de verzoening,
en was uw voeten immermeer.
Met een dankbaar hart dat uitroept:
Heer, ik ben niet meer alleen,
'k voel uw liefd' en uw begroeting--
'Zoons en dochters, welkom thuis!'
(Aangepast overgenomen uit 'O mijn Vader' [lofzang 190].)

In de naam van Jezus Christus. Amen.

 
© 2008 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.   Rights and use information.  Privacy policy